Hart- en Vaatziekten

Diagnose van Pulmonaire Hypertensie

De diagnose van pulmonaire hypertensie is vaak moeilijk omdat de ziekte niet wordt opgemerkt tijdens routine onderzoek.

Bij symptomen die kunnen wijzen op een hartaandoening zullen eerst beeldvormende technieken - zoals radiografie en echocardiografie - worden gebruikt om andere ziektes met een gelijkaardig ziektebeeld uit te sluiten.

Als deze beeldvormende testen aanwijzingen van pulmonaire hypertensie opleveren zal men vaak een catheterisatie van het rechterhart uitvoeren: een dunne, flexibele buis (een catheter) wordt via een onderhuidse ader in de bloedsomloop gebracht en opgeschoven tot in het rechterhart en de longslagaders. Met deze catheter kan de druk in de long arterieën rechtstreeks gemeten worden.

Andere aanvullende testen - zoals longfunctietesten, geavanceerde beeldvormende technieken (CT scan, MRI) en longbiopsie - kunnen nog extra informatie opleveren over de aard en progressie van de ziekte.

Er bestaan ook genetische testen die de aanleg op familiale pulmonaire hypertensie kunnen opsporen.